De bruine beuk (18de eeuw)

De bruine beuk naast de vijver in het Bruulpark

Volgens stadshistoricus Albert Cambier (1922-2010) werd de bruine beuk (Fagus sylvatica 'Atropunicea') in de voormalige tuin van het Spanjaardenkasteel geplant door de eigenaar van dit pand aan het einde van de 18de eeuw: deken Jan Hubert Leemput (1748?-1803).

Deze Rotterdammer was sinds 1782 als hoogleraar Grieks aan de Leuvense Universiteit verbonden. In 1787 werd Leemput als deken van het kapittel van kanunniken in Ronse aangesteld en vestigde hij zich in de stad. Hij kocht het Spanjaardenkasteel en liet er aanzienlijke verbouwingen aan uitvoeren. Hij kocht bijvoorbeeld ook een pand in de Priesterstraat dat hij liet slopen om een extra toegangsstraatje naar het Spanjaardenkasteel te realiseren. Ook de binnenkant van het Spanjaardenkasteel kreeg onder zijn impuls een opknapbeurt, met o.a. opmerkelijk textielbehang.

Na de verovering van onze gewesten door de Fransen en de afschaffing van het kapittel werd deken Leemput aangesteld als vrederechter van het tweede kanton Ronse. Toen de kapittelkerk (de huidige basiliek) werd omgevormd tot een parochiekerk werd Jan Hubert Leemput de eerste voorzitter van de nieuwe kerkfabriek.

De bruine beuk is vermoedelijk een relict van de eind achttiende eeuwse tuinaanleg van het Spanjaardenkasteel. Deken Leemput zou de bomen in zijn tuin hebben gekregen van een collega-hoogleraar botanie van de Leuvense universiteit. De bruine beuk stond hier tot 1958 -drie op een rij- in het gezelschap van een paardenkastanje en een opmerkelijke moerascypres. Jammer genoeg werden de paardenkastanje en de moerascypres in de winter van 1958 geveld. Enkel de bruine beuk bleef staan.

Reeds in 1928 werd door stadsarchitect Albert Massez een rooilijnplan opgemaakt om het zicht op de Sint-Hermeskerk vrij te maken. Na de inrichting van een stadsmuseum in het Spanjaardenkasteel in 1952 werd ook beoogd om de omgeving van het museum verder vrij te maken. In 1963 werden naar aanleiding van de verbreding van de Sint-Pietersnieuwstraat, de panden op de hoek van de Sint-Pietersnieuwstraat en de Sint-Hermesstraat afgebroken.

Beeld van de bruine beuk en zijn buur, de paardenkastanje, omgeven door gebouwen en een tuinmuur omstreeks 1905 (Stadsarchief Ronse).
Wassen van strengen in de gracht tussen het Bruulpark en de Sint-Pietersnieuwstraat met op de achtergrond de bomen in de ommuurde tuin van het Spanjaardenkasteel omstreeks 1896 (Stadsarchief Ronse).

Als een gevolg van al deze plannen werden nog verschillende panden en de tuinmuur in de omgeving van de bruine beuk gesloopt om te komen tot de hedendaagse parkaanleg die een uitbreiding is van de Bruul.

In 1992 werd de bruine beuk beschermd als monument. De Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen bracht een advies uit waarin de historische waarde van de beuk als volgt werd gemotiveerd: “omwille van het algemeen belang gevormd door de historische waarde van het perspectief op de monumentale Sint-Hermeskerk, versterkt door de grote beeldbepalende beuk met symmetrisch opgebouwde kruin op het voorplein”.

In de onmiddellijke omgeving van deze beuk bevond zich de galg van de Vrijheid. De Vrijheid was een juridische entiteit op het grondgebied van Ronse die werd bestuurd door het kapittel. Door de nabijheid van de galg ontstond de notie ‘gerechtsboom’, hetgeen de boom eigenlijk niet is.

Het vrijgemaakte perspectief op de Sint-Hermesbasiliek met de beeldbepalende bruine beuk omstreeks 1990 (Stadsarchief Ronse).